Berichten

,

In de kleedkamer met.. LAKSHMI

In de kleedkamer met.. LAKSHMI

Nagenieten van ‘ADEM’

Vorige week bracht Lakshmi betoverende liedjes van haar beide albums ten gehore in Schouwburg Odeon. De ambitieuze zangeres barst van het talent en durft groot te dromen. Een greep uit haar toekomstplannen: over tien jaar optreden de ArenA, op haar tachtigste een eigen show in Las Vegas en in de tussentijd, wereldoverheersing met haar pop-noir muziek.

Je eerste theatertour! Een droom die uitkomt?
“Ja zeker! Deze tour bestaat uit 77 optredens, dat blijkt nu erg pittig te zijn. Niet voor mezelf, want ik krijg alleen maar energie van optreden en vervloek elke vrije dag, maar we komen letterlijk in elke uithoek van Nederland, wat het moeilijk maakt om volle zalen te trekken. Voordeel is wel dat we altijd dichtbij zijn, dus niemand ver hoeft te reizen! Volle zaal of niet, wij doen er alles aan om een goede show neer te zetten.”

Hoe ervaar jij het verschil tussen spelen op een festival, in een poppodium en in een theater?
“Het zijn drie compleet verschillende disciplines. In een poppodium wordt er tussendoor gepraat en halen mensen een biertje terwijl ik zing. Ik moet veel energie geven om het publiek te blijven boeien. Op een festival geldt dat nog meer, want dan wil je elke voorbijganger naar jouw optreden trekken. In het theater heerst juist een geconcentreerde sfeer. Het is stil en iedereen luistert aandachtig, de ideale plek om te experimenteren. Ik kan, bij wijze van spreken, veertig seconden stil zijn zonder dat iemand het gek vindt. In poppodia flap ik er vaak van alles uit, dat probeer ik in het theater niet te doen, puur om de sfeer anderhalf uur vast te houden.”

Waar haal jij inspiratie uit?
“Uit films en allerlei muziekgenres. Mijn playlist gaat van klassiek tot Marilyn Manson en van hiphop tot metal; geen touw aan vast te knopen. Van jongs af aan is P!nk mijn idool, maar ook ABRA, een zangeres die een soort minimalistische hiphop, r&b-achtige muziek maakt, vind ik super vet. Qua Nederlandse artiesten vind ik Wende Snijders de beste. Als ik ergens een orkest zie of hoor, word ik helemaal gelukkig, dan wil ik dat ook meteen in mijn show verwerken. Als je al die ideeën en wensen combineert, krijg je de muziek en shows die ik maak.”

Wat is voor jou het hoogtepunt van deze show?
“Tijdens de eerste vier nummers lig ik op de piano naar het plafond te staren, dus het moment dat ik opsta en het publiek voor het eerst zie, is erg tof. Een zenuwachtig maar tegelijkertijd opwindend moment. Wat ik ook erg fijn vind, is de reactie van de zaal zodra het nummer Nowhere to go begint. Dat is het eerste heftige nummer van de avond en dan geniet ik van de lichtelijk overdonderde blik van het publiek. Maar het einde is ook heel gaaf! Kortom, alles is een hoogtepunt.”

Welke reactie op de voorstelling is je het meest bijgebleven?
“Tegen het einde van de show zing ik een nummer alleen met de gitarist en zie ik best vaak bezoekers huilen. Dat vind ik het allermooiste compliment om te krijgen; dat je jankend de zaal uit gaat. Ik moet dan wel oppassen dat ik er tijdens het zingen niet te veel door wordt beïnvloed. Ik krijg ook wel gekke opmerkingen hoor, maar dan over mij als persoon. Na afloop van de show sta ik zelf bij de merchandise en is iedereen altijd verbaasd over mijn lengte. Mensen, ik heb geen dwerggroei hoor, ik ben gewoon één meter zestig! Wat het helemaal sneu maakt, is dat ik dan ook nog plateauzolen draag. Verder merk ik vooral in de kleinere dorpjes, à la mijn geboorteplaats Wijchen, dat mensen mijn haar en tatoeages heftig vinden. Daar ben ik echt een alien waar iedereen in een kringetje omheen blijft staan.”

Wat zijn je ambities voor de toekomst?
“Touren met een groot orkest, ‘LAKSHMI, altijd dichtbij’ als titel voor mijn tweede theatertour en dan een nightliner busje laten bedrukken met die tekst. Nee hoor, grapje haha. Wat ik graag wil, is over tien jaar optreden in de ArenA. Mijn ultieme droom is de wereld over reizen, muziek schrijven en blijven spelen in theaters, poppodia, huiskamers en op festivals. Wereldoverheersing met mijn muziek, dat lijkt me fantastisch. Als carrièrehoogtepunt wil ik op mijn tachtigste een eigen show in Las Vegas. Gaandeweg wil ik me blijven ontwikkelen op zowel zakelijk, als muzikaal gebied. Dat doe ik door mensen in te huren en hen vervolgens in hun nek te hijgen om te zien hoe zij werken.”

Van aankomst tot vertrek, wat doe jij voorafgaand aan een show?
“Rond drie uur ’s middags komen we aan in het theater, dan eet ik altijd twee crackers met avocado en peper en zout. Vervolgens gaan we soundchecken en samen eten. Ik pak een extra rustmoment als ik me omkleed en mijn make-up doe. Onze violiste, haar hondje en ik delen een kleedkamer, altijd gezellig! Ik probeer sowieso heel rustig aan te doen, zodat ik op het podium alles kan geven. Oh ja, en ik probeer niet te veel koffie te drinken, al word ik intens gelukkig van een dubbele espresso of een haver latte macchiato, lekker decadent!”

Wat is er altijd in jouw kleedkamer aanwezig?
“Gember. Chill voor je keel, maar eigenlijk is het een medicijn tegen zo’n beetje alles. Als je een stuk gember eet, fik je even van binnen, maar dat is juist fijn als je bijvoorbeeld te veel hebt gegeten. Ook sport ik in de kleedkamer, dus een beetje ruimte is wel handig. Ik heb namelijk een ‘on-the-go-workout’ gekregen van mijn trainer. Daar heb ik geen attributen voor nodig hoor, ik spring gewoon wat op en neer!”

Klik hier voor het hele artikel